Op zoek naar de meerwaarde

Participatie bij windenergie vanuit gezichtspunt twee gemeenten

Auteur: Mariëlle de Sain – adviseur duurzame energie bij Pondera Consult, lid van de IEA (International Energy Agency) werkgroep voor sociale acceptatie van windenergie (1)

Voor meer informatie over participatie en omgevingsmanagement:
Bezoek de sessie Maatschappelijke betrokkenheid: de Nederlandse aanpak
Locatie: Winddagen 2016, Rotterdam Hall 11.15 uur. Toegang met congrespas Winddagen
Tevens verwelkomen wij u graag op de Pondera Consult/Wind Minds stand (nr 28) op de beursvloer van de Winddagen. www.winddagen.nl

Participatie is een veel gebruikt woord bij duurzame energieprojecten en bij windenergie in het bijzonder. De in september 2014 ondertekende gedragscode ‘Draagvlak en participatie wind op land’ is een mooie markering voor de invulling daarvan.(2) Uit de evaluatie van de gedragscode (3) komen veel kritische geluiden naar voren. Voor de een is het een vanzelfsprekend uitgangspunt en mag het veel verder gaan. Voor de ander is het een kennismaking met nieuwe participanten en vraagt om verandering van werkwijze. De praktijk blijkt weerbarstig: hoe pas je de gedragscode en diverse handleidingen eigenlijk toe? In dit artikel het gezichtspunt van twee bijzondere gemeenten met beide een geschiedenis en toekomst in windenergie: Goeree-Overflakkee en Almere.

Wat is er bijzonder aan windprojecten

Windenergieprojecten zijn zichtbaar. Zichtbaar in de verre omgeving, zichtbaar op de energierekening door de toeslag van SDE+ en zichtbaar in de politieke arena. Daarnaast speelt het ontbreken van de ‘sense of urgency’ bij veel mensen. Het is ook lastig om je er mee te identificeren: de aanleg van een snelweg is meer grijpbaar en dichtbij dan duurzame energie of klimaatadaptatie. Dit wordt versterkt doordat er vooral aandacht is voor de negatieve effecten van windmolens en het feit dat de locatiekeuzes al grotendeels vastliggen. Erwin Lindeijer van de gemeente Almere vertelt dat participatie een belangrijke rol vervult om te zorgen dat mensen eigenaarschap ontwikkelen voor de energietransitie.

Kernwaarden bij participatie

partipatieDe gedachte achter de inzet van participatie is het vinden van een balans tussen de lusten en lasten van een project. Voor windenergie betekent dit dat een deel van de opbrengsten lokaal terecht moeten komen. Lennard Seriese van de gemeente Goeree Overflakkee geeft aan dat actief met mensen het gesprek aan gegaan moet worden en het liefst breder dan windenergie. Beide gemeenten noemen op basis van best en less best practices een aantal kernwaarden als basis voor participatie: open communicatie over wat er wel en niet mogelijk is, zorg dat mensen een keuze hebben, de beschikbaarheid van informatie en joint factfinding. Erwin Lindeijer onderstreept dit met een voorbeeld van een recente informatieavond voor een Almeers project waarbij met behulp van virtual reality het windpark in beeld en geluid getoond werd. Het was een positieve ervaring doordat er naast het beantwoorden van vragen, ook ruimte was voor leren. Bovendien hebben mensen niet alleen zorgen, ze zijn ook nieuwsgierig.

Kernpunten bij participatie bij windenergie
Uit de gedragscode, beleid van beide gemeenten en diverse handleidingen (zie bronnen) en voorbeelden komt een aantal kernpunten van participatie naar voren. De belangrijkste hiervan zijn: het vroegtijdig betrekken van mensen en organisaties, het maken van duidelijke spelregels en afspraken, toon professionaliteit (waar heb je het over), zorg voor goede en transparante informatievoorziening, er moet (nog) wat te kiezen zijn en tenslotte maatwerk. De invulling van deze kernpunten is sterk afhankelijk van de fase waarin het project zich bevindt.Op Goeree Overflakkee zijn in 1990 de eerste moderne windturbines gebouwd. Momenteel staat een opgesteld vermogen van 78 MW en loopt er een aantal procedures voor nieuwe projecten of uitbreiding. De afspraak voor 2020 is om dan 225 MW opgesteld vermogen windenergie gerealiseerd te hebben. Goeree-Overflakkee zet in op een breed Energiefonds waaruit duurzame en leefbaarheidsprojecten kunnen worden ondersteund. Het duurzame Energiefonds wordt via een onafhankelijke stichting beheerd. Het idee is om drie zones te onderscheiden. Zone 1 is een bewonersfonds waarin vergoeding plaatsvindt voor bewoners tot 900 meter van een project. Zone 2 is een betrokkenenfonds waarbij projectaanvragen ingediend kunnen worden tot 5000 meter van een windturbine voor projectendoor sportverenigingen, dorpsraden, bewoners, muziekverenigingen etc. Zone 3 is een transitiefonds waarbij projectaanvragen ingediend van een grotere omvang binnen de gemeentegrens, voor dit transitiefonds geldt een co-financieringseis van 50%. Voor windenergie wordt het bedrag van 0,5 €ct./MWh gehanteerd wat neerkomt op storting van ongeveer €225.000 per jaar in het Energiefonds bij 150 MW nieuw te plaatsen windenergie.In de gemeente Almere staat momenteel een opgesteld vermogen van ongeveer 37 MW en loopt er een aantal ruimtelijke procedures voor nieuwe projecten of uitbreiding. De gemeente Almere heeft eind 2015 het programmaplan ‘Energie werkt’ opgesteld; een programma gericht op versnelling in hernieuwbare energievoorziening. Hierin staat dat buiten de bestaande locaties er maximum plek is voor tien windmolens. In principe kunnen deze er alleen komen indien het initiatief vanuit de stad komt en participatie van bewoners of bedrijven is gegarandeerd. Verder is een criterium om te streven naar een afstand van 1.500 meter tot grootschalige woningbouw waarbij er geen significante woningwaardedaling optreedt.Bronnen

  • Gemeente Goeree-Overflakkee, ‘startnotitie Windenergie op Goeree-Overflakkee, baten in beeld’, mei 2014
  • Gemeente Almere, Programmaplan Energie werkt!, najaar 2015
  • Milieudefensie, “Voor de wind: hoe je de handen op elkaar krijgt voor windenergie”, november 2015
  • Ecofys en Houthoff Buruma, Handleiding participatieplan windenergie op land, april 2015

Samen werken

De rol van een (lokale) overheid is belangrijk bij duurzame energie, omdat de positieve en negatieve kanten aan een project afgewogen moeten worden. Lennard Seriese: polderen werkt voor incrementele veranderingen. De energietransitie in al haar facetten vraagt om radicalere keuzes. De transitie moet vanaf onderen in gang gezet worden en daarna is het nodig om het op een hoger plan te tillen.

Gemeenten hebben weinig direct juridisch harde “instrumenten” om participatie af te dwingen. Participatie kan wel geborgd worden in een aantal “instrumenten” die bij de planontwikkeling en realisatie van windenergie komt kijken, bijvoorbeeld een intentieovereenkomst, milieueffectrapportage en afspraken over financiële participatie.

De ervaring van beide gemeenten is dat het hard werken is om participatie vorm te geven en dat een aantal principes aan het begin goed neergezet moeten worden. Erwin Lindeijer: het is een vloeibaar proces waarin communicatie, participatie en consulatie door elkaar heen loopt en iedereen een ander beeld heeft van deze begrippen. Het vraagt om het wisselen van rollen per fase en samenwerken.

Toekomstig gewenste ontwikkelingen

Het bovenstaande laat zien dat er behoefte is om participatie beter te verweven in projecten om het een blijvend en zinvol “instrument” te maken. Lennard Seriese geeft aan dat er een verandering in denken noodzakelijk is om tot een maatschappelijke businesscase te komen; winst gaat over meer dan geld. Dit vraagt van alle partijen om meer luisteren en investeren in een dialoog. Erwin Lindeijer voegt toe dat lokaal initiatief (in de vorm van energiecoöperaties) een volwaardige rol moet krijgen in het proces door ondersteuning door andere initiatiefnemers en de provincie. Tevens is belangrijk dat het rijk haar rol steviger neerzet als hoeder van het brede klimaat- en energiebeleid: vertel steeds het grote verhaal over het waarom van duurzame energie en help mythes de wereld uit.

Noot van de auteur: voor dit artikel heb ik Lennard Seriese van de gemeente Goeree-Overflakkee (beleidsadviseur duurzaamheid) en Erwin Lindeijer van de gemeente Almere (Energieplanner) geïnterviewd. Ik wil hen hiervoor hartelijk bedanken. Komend jaar wil ik een aantal verschillende gezichtspunten rondom participatie bij windenergie belichten en zo het verhaal over participatie verder vertellen.

(1) http://www.socialacceptance.org/
(2) Nederlandse WindEnergie Associatie (NWEA), De Natuur- en Milieufederaties, Stichting Natuur & Milieu, Greenpeace Nederland, Milieudefensie, ODE Decentraal, ‘Gedragscode draagvlak en participatie wind op land’, september 2014.
(3) ‘NWEA e.a., ‘Evaluatie Gedragscode draagvlak en participatie wind op land’, maart 2016.

Sla communicatie niet in de wind [blog]

Ondanks dat het CBS op 29 februari jl. bekend maakte dat de opwekking van duurzame energie door windturbines in 2015 met 20% is gegroeid naar zo’n 7 miljard kWh, horen we veel twijfels over het halen van de doelstellingen voor windenergie. Echt soepel loopt het namelijk niet. Een verdubbeling van het aantal MW in 2020 t.o.v. eind 2015 (3.022 MW op land) lijkt wel erg ver weg. Daarnaast zien we de druk op ruimte in Nederland toenemen, zeker ook met de groeiende omvang van windparken en windturbines. En met de druk op ruimte neemt ook de weerstand vanuit de lokale bevolking toe. Waar vroeger windenergieprojecten zonder al te veel weerstand gerealiseerd konden worden, is tegenwoordig op voorhand al rekening te houden met weerstand vanuit de lokale gemeenschap.

Dit betekent dat het steeds belangrijker wordt om op voorhand goed na te denken over hoe te communiceren met de omgeving. Sterker nog: goede communicatie met de omgeving is noodzakelijk om projecten te realiseren en de duurzame energiedoelstellingen te halen. Overigens ben ik van mening dat goede communicatie altijd noodzakelijk is ongeacht de mate van weerstand,  of het nu om het oprichten van een windturbine, een hoogspanningsmast of een schutting op de perceelgrens met je buurman gaat. Het op een gedegen wijze communiceren over ontwikkelingen die de belangen van meerdere personen raken en het betrekken van de juiste mensen, lijkt voor de hand liggend en iedereen lijkt te weten hoe dat moet worden aangepakt. Toch blijkt het opzetten van een gedegen strategie in de praktijk lastig te zijn. Een paar ‘lessons learned’ vanuit mijn praktijkervaring.

greenpeace

Maatwerk
Laat ik voorop stellen dat de omgang met de omgeving in windenergieprojecten altijd maatwerk nodig heeft. Er bestaat geen standaard communicatie-pakket. Grote projecten hebben vaak een andere aanpak nodig dan kleine projecten, in het landelijk gebied spelen andere belangen dan in verstedelijkt gebied. Daarnaast is elk project onderhevig aan factoren van buitenaf, zoals bijvoorbeeld de (lokale) politieke situatie. Dit betekent dat elk project een eigen benadering en aanpak nodig heeft. Dit betekent dan ook dat er goed na moet worden gedacht over welke stappen er eerst gezet moeten worden. Kortom: stem je strategie af op je project. De eerste vragen die daarbij gesteld moeten worden, zijn met welke doelgroepen je te maken hebt en wat het doel is van de communicatie. Is dat puur het informeren van de omgeving of vindt je het belangrijk om de omgeving bij het proces te betrekken? Het lijkt een open deur, maar deze vraag wordt te vaak overgeslagen.

Weet met wie je spreekt
Een verhaal op een goede manier brengen, kan alleen als je weet wie je tegenover je hebt. Zorg dat je inzicht hebt in welke partijen betrokken of geïnformeerd willen worden en met welke vragen deze partijen zitten. Gun het wat tijd om dezelfde taal te leren spreken. Het loont om je in de lokale situatie te verdiepen en te kijken op welke manier een windproject aan kan sluiten bij de lokale zorgen en belangen. Denk hierbij in doelgroepen en pas daar je informatievoorziening op aan. De belangrijkste groep zijn vaak de direct omwonenden. Door ‘common ground’ te vinden, zijn projecten een stap verder te brengen. Soms helpt het om daarbij een neutrale persoon of partij aan te wijzen, bijvoorbeeld in de vorm van een gebiedscoördinator.

Focus op Neutralerik
Door te weten met welke partijen je te maken hebt, kun je de keuze maken om actief of juist passief te informeren of te betrekken. 100% draagvlak bestaat niet. Mijn ervaring is dat door te focussen op degenen die positiever tegenover het project staan er een positieve lading rond een initiatief ontstaat, waardoor de weerstand minder (op de voorgrond) aanwezig is. Dit betekent natuurlijk niet dat deze groep niet op een nette manier moet worden geïnformeerd. Niet communiceren werkt altijd in je nadeel.

Duidelijk en transparant
Ongeacht of je actief of passief communiceert, is het belangrijk duidelijk en transparant te zijn in de boodschap die je wilt vertellen. Onduidelijke of tegenstrijdige communicatie leidt tot een negatieve beeldvorming. Ook hier is de vraag met welk doel je wilt communiceren van belang. Heb je als doel met name te informeren, dan loont het om zo concreet mogelijk te zijn. Bij het betrekken van omwonenden, kan het nuttig zijn om wat minder concreet te zijn en zo omwonenden de ruimte te geven om met eigen inbreng te komen. Hiermee hangt de keuze samen wanneer je met een project naar buiten treedt. Staat een locatie bijvoorbeeld al vast, dan is er weinig ruimte voor omwonenden om mee te denken. Is daar nog wat ruimte in het proces, dan kun je omwonenden makkelijker laten participeren. Denk hier op voorhand over na. Een verkeerde keuze aan het begin van een traject is lastig te herstellen.

What’s in it for them?
Zorg dat je een gedegen antwoord hebt op de vraag ‘What’s in it for me?’ voor de belanghebbenden. Denk na over compensatie en/ of participatiemogelijkheden en probeer dit zo vroeg mogelijk concreet te maken. Ook hier is van belang om een duidelijk en transparant verhaal te vertellen. In de praktijk zijn ontwikkelaars over het algemeen bereid om compensatie of participatie aan te bieden, maar dit blijft vaak te lang, te vaag. Als je omwonenden een helder antwoord kunt geven op bovenstaande vraag, is een hoop weerstand te voorkomen of weg te nemen.

Middelen
Hoewel het een nuttig middel blijft, is een banner op een informatieavond vaak niet meer voldoende. Communiceren over windprojecten betekent tegenwoordig het inzetten van een breder scala aan middelen die ervoor zorgen dat de gevraagde informatie voor de ontvanger ten alle tijden te raadplegen is. Denk hierbij aan goede projectwebsites en het bijhouden van sociale media.  Maar ook middelen als keukentafelgesprekken, visualisaties en nieuwsbrieven zijn nuttige middelen die allemaal op hun eigen wijze bijdragen aan een goede informatievoorziening. Met name goed beeldmateriaal blijkt belangrijk. Men wil graag weten hoe ‘het eruit komt te zien’.

Bovenstaande elementen kunnen helpen in de communicatie over windenergie, maar zijn uiteraard geen garantie voor groot draagvlak. De praktijk van dergelijke trajecten is weerbarstig. Laten we dus ook vooral van elkaar leren. Zowel binnen als buiten de sector is veel kennis en ervaring aanwezig. In mijn opinie zijn goede communicatietrajecten essentieel in het realiseren van windenergieprojecten in Nederland. Willen we de energietransitie voltooien en de duurzame energiedoelstellingen halen, dan zullen we initiatieven met de omgeving moeten opzetten en verder brengen.

Illustratie:
Greenpeace.org

Maatschappelijke acceptatie van uw windenergieproject!

Willen we dat de energietransitie slaagt en we de energiedoelstellingen gaan halen, dan zullen we op een andere manier om moeten gaan met de omgeving.

foto kindjeNederland heeft een forse doelstelling om de energievoorziening te verduurzamen: 14% hernieuwbare energieopwekking in 2020, 16% in 2023 en een volledig duurzame energievoorziening in 2050. Het belang en de urgentie wordt breed gevoeld (bij het bedrijfsleven, in de politiek en in de samenleving). Maar de realisatie verloopt niet overal soepel. De ruimtedruk is hoog in Nederland en op veel plaatsen is er verzet vanuit de lokale gemeenschap.

Een duurzame relatie met de omgeving, waarbij transparante besluitvorming en vroegtijdige participatie centraal staan, is van groot belang.
Onderstaande tabel geeft u inzicht in wat Pondera voor u kan betekenen in dit proces van maatschappelijk acceptatie. Voor vragen, inzichten of uitwisseling van gedachten over uw project kunt u contact opnemen met Marielle De Sain, omgevingspecialist bij Pondera.
Email: m.desain@ponderraconsult.com, Tel. 06 52 86 82 98.

DOWNLOAD HIER de leafet met alle omgevingsmanagmentdiensten van Pondera.

foto voor nieuwsbericht omgeving