Grootste turbines voor lage tot gemiddelde windsnelheden

Winderige gebieden in landen met goed ontwikkelde markten voor windenergie, zoals de VS, het VK of Duitsland, worden geleidelijk gevuld door windparken. Ontwikkelaars van hernieuwbare energie kijken daarom naar mogelijkheden om windparken verder te ontwikkelen in gebieden met lage tot gemiddelde windsnelheden. Andere regio’s met lagere windsnelheden worden ook overwogen in nieuwe en opkomende markten zoals delen van West- en Zuid-Azië, Zuidoost-Azië, Afrika en andere regio’s in midden- tot lagere breedtegraden over de wereld.

Fabrikanten van windturbines proberen dit marktsegment te vullen door turbines te produceren die specifiek zijn gericht op locaties en omstandigheden met lagere windsnelheid. Dit wordt gedaan door klanten hogere turbinetorens te bieden, bestaande generators te combineren met nieuwere en langere turbinebladen of zelfs nieuwe generators te ontwerpen. Naarmate windturbines betrouwbaarder, efficiënter en goedkoper worden, wordt verwacht dat zelfs lage windsnelheid omstandigheden in nearshore en offshore locaties in de toekomst ook verder zullen worden benut.

Wat verstaat de windenergie-industrie onder turbines bedoeld voor lage tot gemiddelde windsnelheden? Volgens de internationale standaard IEC 61400-1: 2019 (editie 4.0) met betrekking tot het ontwerp van windturbines, zien we op basis van de jaarlijkse gemiddelde windsnelheden, dat windturbines onderverdeeld zijn in vier ontwerpklassen: I (gemiddelde snelheid tot 10 m/s), II (tot 8,5 m/s), III (tot 7,5 m/s) en S (een locatie specifieke klasse). Wanneer turbulentie-intensiteit wordt overwogen, worden de volgende categorieën toegevoegd als achtervoegsels aan de klassen: A+ (een turbulentie-intensiteit tot 0,18), A (tot 0,16), B (tot 0,14) en C (tot 0,12). Verder wordt in de classificatie ook rekening gehouden met de 10 minuut gemiddelde windsnelheid met een terugkeerperiode van 50 jaar onder normale en tyfoon- of orkaan-omstandigheden (Tabel 1). Klasse IA+ is dan bijvoorbeeld de meest extreme windturbineklasse buiten klasse S.

Er zijn geen gestandaardiseerde definities voor “lage” of “gemiddelde” windsnelheden, wat in principe kwalitatieve beschrijvingen zijn. Toch wordt over het algemeen beschouwd dat windturbines voor lage windsnelheid behoren tot de klassen tot en met IIIA (7,5 m/s), terwijl turbines voor middelhoge windsnelheid tot en met klasse IIA (8,5 m/s) behoren. Alle andere klassen tot en met IA+ worden over het algemeen beschouwd als turbines voor hoge windsnelheden.

Hieronder bekijken we de nieuwste windturbines die ontworpen zijn voor de markt voor lage tot middelhoge windsnelheden. Elke turbine die op onze lijst staat wordt aangeboden door een andere fabrikant om een goed beeld te krijgen van wat beschikbaar is of beschikbaar zal worden in de nabije toekomst. Deze lijst is geen volledig overzicht maar omvat de meeste grote spelers in de windturbine-industrie.

Windturbine Siemens Gamesa SG 5.8-170

Als eerste op onze lijst staat de grootste onshore windturbine ter wereld op dit moment in termen van rotordiameter. De SG 5.8-170, zoals duidelijk uit zijn naam blijkt, heeft maar liefst een rotordiameter van 170 m, een drietraps versnellingsbak en een generator van 5,8 MW, die tevens ook de krachtigste is in de Siemens Gamesa onshore familie van turbines. Ashoogtes zijn locatiespecifiek en kunnen variëren van 100 tot 165 m volgens de website van het bedrijf. De turbine wordt specifiek aanbevolen voor omstandigheden met een lage tot gemiddelde windsnelheid, waarvan het eerste prototype naar verwachting in het derde kwartaal van 2020 zal worden gebouwd.


Siemens Gamesa SG 5.8-170

Windturbine Vestas V172-5.6 MW

De V162 heeft tot nu toe de grootste rotordiameter van alle onshore Vestas windturbines en maakt deel uit van het nieuwste EnVentus-platform dat gebruik maakt van permanente magneetgeneratoren. De IEC S-klasse turbine is ontworpen voor lage tot gemiddelde windlocaties, maar ook geschikt voor hogere windsnelheden. De ashoogte zal naar verwachting tussen 119 en 166 m variëren. Als eerste bedrijf dat wereldwijd 100 GW aan windturbines heeft geïnstalleerd, wil Vestas zich richten op de lage tot gemiddelde windsnelheid met het EnVentus-platform, terwijl het ook kleinere turbines in het 3 MW-bereik voor de lagere windsnelheidscategorieën blijft ontwikkelen. De V162 wordt als prototype naar verwachting medio 2020 uitgerold.


Vestas V162-5.6 MW

Windturbine Enercon E-160 EPS

Als grootste turbine in de Enercon-lijn, werd de E-160 EP5 gepresenteerd op de WindEurope congres in Bilbao in april 2019. Gebaseerd op de Nederlandse Lagerwey-technologie overgenomen door Enercon in 2018, heeft deze tandwielloze permanente magneet generator aangedreven turbine een klasse IIIA-aanduiding. De E-160 EP5 heeft verder een rotordiameter van 160 m, een ashoogte van 120 tot 166 m en een nominaal vermogen van 4,6 MW. Het prototype is gepland om begin 2020 te worden getest.


Enercon E-160 EP5

 

Windturbine GE 5.3-158

De GE 5.3-158 maakt deel uit van het nieuwe onshore Cypress-platform van turbines die ontworpen zijn om in de loop van de tijd opschaalbaar te zijn. Hierdoor kan GE een groter bereik in nominaal vermogen en ashoogtes bieden. De turbine werd gepresenteerd op de WindEurope congres 2018 in Hamburg. Het is momenteel de grootste en krachtigste windturbine op land ter wereld en bouwt voort op het vorige GE 4.8-158 turbineontwerp. De turbine werd geïnstalleerd op het ECN testpark in de Wieringermeer, waar Pondera Consult assisteerde bij de vergunningen, geluids- en schaduwstudies. Pondera was ook verantwoordelijk voor de beoordeling van het windaanbod en de berekening van de energieopbrengst voor de SDE+ subsidieaanvraag. Ondanks dat de 5.3-158 de grootste GE-windturbine op land is, is het nog steeds niet de grootste van GE. Deze prijs gaat naar de GE offshore Haliade-X windturbine met een rotormaat van 220 m, waardoor het momenteel de grootste windturbine ter wereld is. De Haliade-X wordt momenteel geïnstalleerd, voor prototype testen in de Tweede Maasvlakte in de haven van Rotterdam, door GE en Future Wind, een joint venture tussen Sif Holding en Pondera Development.


GE 5.3-158

Windturbine Goldwind GW155-3.3 MW

In oktober 2018 kondigde de grootste Chinese windturbinefabrikant Goldwind, de ontwikkeling van de GW155-3.3 MW aan als onderdeel van het 3S-platform. De GW155-3.3 MW zal de grootste onshore Chinese windturbine worden in termen van rotordiameter. De permanente magneet direct aangedreven (PMDD) GW155-3.3 MW werd aangekondigd samen met de lage snelheid offshore GW168-6.45 MW turbine die ook bedoeld is voor tyfoon- of orkaan-omstandigheden. Dit duidt duidelijk op de toegenomen focus van Goldwind op het lage windsnelheid marktsegment, wat ook erg belangrijk is voor China als grootste windenergiemarkt ter wereld.


Goldwind 3S platform

Windturbine Nordex N149/4.0-4.5

De Nordex N149/4.0-4.5 is de winnaar van de prijs voor de Windpower Monthly Windturbine van het Jaar 2018 in de categorie +3 MW. De turbine heeft succes gevonden in verschillende delen van de wereld, waaronder een recente bestelling van 74 turbines bestemd voor de Amerikaanse staat Oklahoma en nog eens 35 turbines besteld door Acciona voor de staat Victoria in het zuidoosten van Australië. De turbine maakt deel uit van het Delta4000-platform van Nordex en werd voor het eerst geïnstalleerd in augustus 2018 op het Wennerstorf II Windpark in Duitsland. De S-klasse N149/4.0-4.5 turbine heeft een drietraps versnellingsbak met een dubbel gevoede asynchrone generator die schaalbaar is tot een nominaal vermogen van 4,5 MW en wordt aangeboden met een ashoogte variërend tussen 105 en 164 m. Verrassend heeft Nordex onlangs haar nieuwste turbine aangekondigd in het Delta4000-platform, de N155/4.5 met een rotordiameter van 155 m. De productie van de N155 zal naar verwachting in het laatste deel van 2020 beginnen.


Nordex N149/4.0-4.5

Windturbine Envision EN148-4.5

De enige ‘offshore’ turbine met lage windsnelheid op onze lijst en waarschijnlijk een van de beter ogende, de EN148-4.5 van Envision Energy werd ontworpen samen met de Italiaanse ontwerper Stefano Giovannoni. Envision Energy is de op één na grootste Chinese windturbinefabrikant, met wereldwijd meer dan 2600 geïnstalleerde turbines en beweert de leider te zijn in de turbines voor lage tot gemiddelde windsnelheid op de Chinese markt. De klasse S aangewezen EN148-4.5 heeft een drietraps versnellingsbak, een 4,5 MW nominale vermogen en een rotordiameter van 148 m.


Envision EN148-4.5

Windturbine Senvion 4.2M148 EBC

De grootste onshore windturbine van Senvion werd gepresenteerd op de WINDPOWER 2018 congres van AWEA in Chicago, de VS. De 4.2M148 EBC is gecertificeerd in de IEC S-klasse gebaseerd op de IEC IIIB-classificatie, waardoor het een flexibele turbine is voor de lage tot gemiddelde windsnelheid op land. De 4.2M148 EBC bestaat uit een bijgewerkt versnellingsbakontwerp met een rotordiameter van 148 m en een nominaal vermogen dat kan worden gemaximaliseerd tot 4,5 MW. De turbine is besteld voor windparken in Chili en wordt verwacht geïnstalleerd te worden in 2020.


Senvion 4MW wind turbine series

Is groter altijd beter?

Of groter altijd beter is hangt echt van de situatie af. Over het algemeen zal een groot rotoroppervlak meer wind in energie omzetten. Er zijn echter veel factoren waarmee rekening moet worden gehouden, zoals de locatie specifieke omstandigheden, het windklimaat, de kosten van de turbine en de installatie, de exploitatie- en onderhoudskosten, de vermogenscurve van de turbine en de totale capaciteitsfactor. Al deze factoren spelen een rol in de genivelleerde energiekosten (LCOE). Het “specifieke vermogen”, dat is de verhouding tussen het nominale vermogen van de generator en het rotoroppervlak, is ook een belangrijke factor. Een zeer grote rotoroppervlak in combinatie met een kleiner nominaal vermogen zou het specifieke vermogen verlagen, waardoor de hoeveelheid opgewekte elektriciteit wordt verminderd. Er zijn echter voorbeelden waarbij er doelbewust voor gekozen om het specifieke vermogen te verlagen om de capaciteitsfactor te maximaliseren, waarbij stabielere en goedkopere energie wordt geproduceerd. In dergelijke gevallen zijn turbines zoals de Goldwind GW155-3.3MW of de Nordex N149 4,0 MW voor sommige ontwikkelaars een gunstige keuze.

GE toont gondel Haliade-X 12 MW

De gondel van de Haliade-X 12 MW is afgelopen week uit de fabriek gerold. De gondel, met daarin de generator die 12 megawatt aan elektriciteit kan opwekken, zal naar verwachting komende week naar Rotterdam worden vervoerd vanuit Saint-Nazaire, Frankrijk. De toren waarop de gondel zal worden geplaatst is al gebouwd op de Maasvlakte. De turbinebladen worden gefabriceerd door LM Wind Power in Cherbourg en zullen de windturbine compleet maken.

In het onderstaande filmpje is te zien hoe de gondel uit de fabriek rolt:

Kengetallen voor de Haliade-X 12 MW

Capaciteit: 12 MW
Rotordiameter: 220 meter
Hoogte:  260 meter
Lengte bladen: 107 meter
Jaarlijkse energieopbrengst: circa 67 GWh
Bestreken oppervlak: 38,000 m2

Algemeen

Pondera Development en SIF Holding ontwikkelen samen met GE Renewable Energy de Haliade-X op de Maasvlakte in Rotterdam. Pondera heeft, mede dankzij de extensieve kennis van en jarenlange ervaring met de Nederlandse wet- en regelgeving voor windenergie, de ontwikkeling van deze innovatieve turbine mogelijk gemaakt. Schaalvergroting van (offshore) windturbines is belangrijk om meer duurzame energie op te kunnen wekken, de energietransitie te versnellen en zo de effecten van klimaatverandering te beperken. De Haliade-X van 12 MW is een belangrijke schakel in deze ontwikkeling.

De offshore windturbine wordt op het land geplaatst om het uitvoeren van testen makkelijker te maken. Hiermee kan ook de data worden verzameld waarmee de turbine kan worden gecertificeerd – een noodzakelijke stap voor het commercieel beschikbaar stellen van de turbine.

De Haliade-X kan jaarlijks 67 GWh aan elektriciteit opwekken. Dat is genoeg stroom voor 16,000 Europese huishoudens en zorgt zo voor een besparing van 42 megaton CO2. De Haliade-X zal najaar 2019 duurzame energie wekken op het terrein van SIF op de Maasvlakte.

Update Haliade-X prototype Rotterdam

De torensegmenten 0, 1 en 2 van de Haliade-X zijn geïnstalleerd. T3 zal in de loop van de zomer geïnstalleerd worden zodra de gondel is gearriveerd. De vier torensegmenten zullen deel uitmaken van het Haliade-X 12 MW-prototype.

Kengetallen voor de Haliade-X 12 MW

Capaciteit: 12 MW
Rotordiameter: 220 meter
Hoogte:  260 meter
Lengte bladen: 107 meter
Jaarlijkse energieopbrengst: circa 67 GWh
Bestreken oppervlak: 38,000 m2

Algemeen

Pondera Development en SIF Holding ontwikkelen samen met GE Renewable Energy de Haliade-X op de Maasvlakte in Rotterdam. Pondera heeft, mede dankzij de extensieve kennis van en jarenlange ervaring met de Nederlandse wet- en regelgeving voor windenergie, de ontwikkeling van deze innovatieve turbine mogelijk gemaakt. Schaalvergroting van (offshore) windturbines is belangrijk om meer duurzame energie op te kunnen wekken, de energietransitie te versnellen en zo de effecten van klimaatverandering te beperken. De Haliade-X van 12 MW is een belangrijke schakel in deze ontwikkeling.

De offshore windturbine wordt op het land geplaatst om het uitvoeren van testen makkelijker te maken. Hiermee kan ook de data worden verzameld waarmee de turbine kan worden gecertificeerd – een noodzakelijke stap voor het commercieel beschikbaar stellen van de turbine.

De Haliade-X kan jaarlijks 67 GWh aan elektriciteit opwekken. Dat is genoeg stroom voor 16,000 Europese huishoudens en zorgt zo voor een besparing van 42 megaton CO2. De Haliade-X zal najaar 2019 duurzame energie wekken op het terrein van SIF op de Maasvlakte.

Eerste onderdelen Haliade-X aangekomen in Rotterdam

De vier torensecties die deel zullen uitmaken van het Haliade-X 12 MW-prototype dat deze zomer moet worden geïnstalleerd, zijn zojuist aangekomen in de haven van Rotterdam, waar Pondera Development en GE de grootste windturbine ter wereld bouwen.
Na het lossen van de torensegmenten zal een reeks van pre-assemblage werken plaatsvinden, inclusief de installatie van enkele torensegmenten. Haliade-X 12 MW gondel- en bladcomponenten, die momenteel in respectievelijk Saint-Nazaire en Cherbourg (Frankrijk) worden vervaardigd, zullen later in de zomer aankomen om de installatie van het prototype te voltooien.

Kengetallen voor de Haliade-X 12 MW

Capaciteit: 12 MW
Rotordiameter: 220 meter
Hoogte:  260 meter
Lengte bladen: 107 meter
Jaarlijkse energieopbrengst: circa 67 GWh
Bestreken oppervlak: 38,000 m2

Algemeen

Pondera Development en SIF Holding ontwikkelen samen met GE Renewable Energy de Haliade-X op de Maasvlakte in Rotterdam. Pondera heeft, mede dankzij de extensieve kennis van en jarenlange ervaring met de Nederlandse wet- en regelgeving voor windenergie, de ontwikkeling van deze innovatieve turbine mogelijk gemaakt. Schaalvergroting van (offshore) windturbines is belangrijk om meer duurzame energie op te kunnen wekken, de energietransitie te versnellen en zo de effecten van klimaatverandering te beperken. De Haliade-X van 12 MW is een belangrijke schakel in deze ontwikkeling.

De offshore windturbine wordt op het land geplaatst om het uitvoeren van testen makkelijker te maken. Hiermee kan ook de data worden verzameld waarmee de turbine kan worden gecertificeerd – een noodzakelijke stap voor het commercieel beschikbaar stellen van de turbine.

De Haliade-X kan jaarlijks 67 GWh aan elektriciteit opwekken. Dat is genoeg stroom voor 16,000 Europese huishoudens en zorgt zo voor een besparing van 42 megaton CO2. De Haliade-X zal najaar 2019 duurzame energie wekken op het terrein van SIF op de Maasvlakte.

Pondera onderzoekt uitbreiding windenergie in Deventer

De gemeente Deventer heeft het locatieonderzoek van Pondera Consult gepresenteerd dat de potentie van windenergie in Deventer verkent. Het onderzoek is uitgevoerd naar aanleiding van een verzoek van de gemeenteraad aan het college om uitbreidingsmogelijkheden voor windenergie in beeld te brengen.

Het onderzoekt identificeert zeven locaties die ruimtelijk-technische potentie hebben voor windenergie. Er zijn windturbines onderzocht met een ashoogte van 120 en 150 meter en dito rotordiameter die zo een bandbreedte van mogelijkheden aan te geven. Het rapport geeft harde en zachtere belemmeringen weer om een debat te kunnen voeren over of en hoe de mogelijkheden voor windenergie in Deventer worden ingevuld.

Het onderzoeksrapport is aangeboden aan de gemeenteraad. Het volledige onderzoek is hier te lezen.

Pondera gebruikt nieuwe rekenmodule geluid

Pondera gebruikt nieuwe rekenmodule geluidberekeningen windturbines voor een gedetailleerder beeld

In Nederland zijn de geluidsnormen voor windturbines vastgelegd in het Reken- en meetvoorschrift windturbines (bijlage 4 bij de Regeling Algemene Regels voor inrichtingen Milieubeheer). Hieruit volgen de grenswaarden van Lnight=41 dB en Lden=47 dB. Deze geluidvoorschriften definiëren ‘slechts’ specifiek te volgen gemiddelde waarden waaraan het geluid van windturbines moet voldoen.

Er zijn veel factoren die het geluideffect van windturbines beïnvloeden. Belangrijk hierbij om te weten is dat deze parameters veelal variabel zijn in tijd en dat in specifieke gevallen de effecten gedurende korte tijd zullen voorkomen. Denk bijvoorbeeld aan het hoogst mogelijke momentane geluidniveau op enig moment op een woning. Het geluidniveau van een windturbine varieert met de tijd als een functie van de windrichting, windsnelheid, turbulentie, thermische stabiliteit, vochtigheid en veranderingen in de landschapstextuur tussen bijvoorbeeld zomer en winter. Met behulp van een geavanceerde rekenmodule is bijvoorbeeld de werkelijk optredende geluidbelasting op omliggende woningen beter te simuleren.

Pondera krijgt vaak de vraag wat voor geluidseffecten een windpark heeft buiten de wettelijke kaders. Wat gebeurt er op een droge heldere nacht bij de ontvanger? In dergelijke gevallen kan een specifieke analyse antwoord op vragen geven. Ook kan de geavanceerde rekenmodule in een land of regio een bijdrage leveren aan flexibele geluidemissies van de turbines, zoals bijvoorbeeld richtingsafhankelijke geluidreductie waarbij verliezen worden beperkt en toch met de omgeving rekening wordt gehouden.

Een voorbeeld van de output van de nieuwe rekenmodule is in onderstaande figuur te zien. Uit de figuren is af te leiden dat de ontvangstniveaus op een woning zijn onderverdeeld naar windsnelheidsklasse en windrichting. Duidelijk is te zien dat er een (sterke) afname van het geluidniveau plaatsvindt bij een windrichting van 60 graden met een openingshoek van circa 120 graden. Het maximale geluidniveau op de woning op enig moment bedraagt 39 dB(A) en treedt op bij windsnelheden groter dan 11 m/s. In 90% van de (tijd)gevallen liggen de geluidniveaus op 38 dB(A) of lager. 50% van de tijd bedraagt het geluidniveau 33 dB(A).

Geluid

Nieuwe website voor HVC WINDKralingseveer

Vlak naast de Van Brienenoordbrug wordt deze week begonnen met de bouw van 1 windturbine in opdracht van HVC. Deze windturbine is reeds in 2012 vergund.
Pondera Consult heeft voor HVC het vergunningstraject verzorgd en tevens in opdracht van HVC een projectwebsite verzorgd. Voor meer informatie: www.HVCWINDKralingseveer.nl.
windkralingseveer

Bouw windturbines Westermeerwind van start

Op 19 augustus j.l. is de opbouw van de windturbines van near shore Windpark Westermeerwind van start gegaan. De eerste torens zijn al geplaatst op de funderingen die afgelopen mei waren geïnstalleerd.

De torens worden vanuit de haven van Amsterdam over het IJsselmeer naar de projectlocatie gebracht en daar door Van Oord/ Mammoet op de fundering geïnstalleerd. Eerst wordt het onderste deel met een kraan op de fundering gehesen. Daar boven op wordt het tweede torendeel geplaatst. De komende weken gebeurt dit in totaal 48 keer.

Vanaf september zullen tevens de gondels op de torens worden geïnstalleerd. Ook deze worden vanuit Amsterdam aangevoerd. Als laatste worden de rotoren geplaatst. Deze worden in Oude Zeug (bij Medemblik) voorgemonteerd tot een complete rotor en vervolgens met een speciaal transport van 100 meter breed over het IJsselmeer naar de projectlocatie getransporteerd. Op de projectlocatie worden de rotoren met een kraan van het schip gehesen en aan de gondels gemonteerd.

De eerste elektriciteit zal naar verwachting eind van het najaar aan land komen. Het gehele park is naar verwachting in februari 2016 gereed.

Pondera Consult heeft als adviseur van Windpark Noordoostpolder (waar Windpark Westermeerwind onderdeel van uitmaakt) het MER en de vergunningaanvragen van het windpark opgesteld en de bijbehorende procedures begeleid. Tevens ondersteunt Pondera Consult Siemens in permit management voor het windpark.

Bron: Westermeerwind.nl

bouw turbines
@Westermeerwind

Lastig die windturbines!

Geen enkel windproject in Nederland is bezwarenvrij. Er is altijd wel iemand die tegen de komst van een windpark is. Toch wordt het ene windpark gebouwd en de andere niet. Hoe komt dat?

4 hoofdredenen

Uit de dagelijkse praktijk, waarbij vele tientallen windprojecten mij van werk voorzien, destilleer ik vier hoofdredenen waarom windparken de test der kritiek doorstaan en sommige niet. Dit zijn de volgende:

  1. Het windproject moet volwassen zijn;
  2. Het windproject moet technisch, planologisch en financieel realiseerbaar zijn;
  3. Het windproject moet voldoende draagvlak hebben en
  4. Het windproject moet het ‘momentum’ hebben.

Volwassen

Ik krijg projectideeën onder ogen die slechts bestaan uit de beschikbaarheid van enkele percelen. Dit kan in potentie een prima windproject worden, echter alleen grond ter beschikking hebben maakt een project nog verre van volwassen.

VolwassenWil het project een kans van slagen hebben, dan is het vereist om volwassen te worden. Je weet dan wat de technische en planologische mogelijkheden zijn van de locatie, hoe er door omwonenden tegenaan gekeken wordt en hoe het project politiek/bestuurlijk ligt. Weet je dit niet, dan is je project nog niet volwassen en is de kans op succes laag. Er zijn vele windprojecten die (nog) niet gerealiseerd zijn, omdat het stadium waarin het project zich bevindt, nog te juveniel is.

Realiseerbaar

Een tweede hoofdreden is dat het project moet voldoen aan de geldende regels. Dus niet te dichtbij woningen, op gepaste afstand van leidingen, etc. Ook technisch gezien moet het project realiseerbaar zijn. Zo dient de locatie voldoende bereikbaar te zijn voor groot transport en is er ruimte nodig voor een bouwkraan. Naast deze (milieu)technische en planologische eisen, zal het project ook financieel uitvoerbaar dienen te zijn. Een windpark kan alleen gebouwd worden, indien er voldoende financiële middelen zijn. Deze worden vaak extern gevonden. Alleen sommige (grote) bedrijven financieren een windpark zelf (op de balans). De meeste windparken die in de publiciteit komen, zijn realiseerbaar en volwassen, omdat de initiatiefnemer van het windpark er over het algemeen voor kiest pas ook dan naar buiten te treden.

Draagvlak

In Nederland dienen veel meer windturbines geplaatst te worden dan dat er nu staan om klimaatdoelstellingen te kunnen halen. Een vereiste daarvoor is dat de projecten voldoende volwassen en realiseerbaar zijn, maar ook draagvlak is van bijzonder belang. Het ontbreken van draagvlak is namelijk de belangrijkste reden waarom (volwassen en realiseerbare) windprojecten stranden. Onder draagvlak versta ik de bereidheid van omwonenden om het windpark te accepteren in hun omgeving en dat er een meerderheid in de (gemeentelijke of provinciale) politiek is voor het park. Overigens zijn deze twee aspecten van draagvlak erg met elkaar verweven. Niet zelden is de politiek pas tegen, indien omwonenden zich kritisch uiten over het windproject.

DraagvlakEen paar voorbeelden uit de praktijk. Het plan voor een windpark in het noorden van Nijmegen is bijna unaniem aangenomen door de gemeenteraad, met vaak het argument dat het een project betreft dat de burger zelf wil. Het windpark wordt ontwikkeld en later geëxploiteerd door burgers. Een ander voorbeeld is windpark Den Tol in de Achterhoek. Ook hier is het bestemmingsplan dat de turbines bestemt met meerderheid van de gemeenteraad aangenomen. Doordat de groep omwonenden zelf het windpark ontwikkelt, gesteund door jarenlang consistent beleid van de gemeente om windturbines in het gebied te plaatsen, is er voldoende draagvlak ontstaan voor het windproject. In beide windprojecten is het overigens niet zo dat iedereen er enthousiast over is. Bij beide projecten zijn er bewoners uit de nabijheid van het windpark die de turbines liever niet zien komen. Ik ken echter geen enkel windproject in Nederland waar iederéén staat te springen om de komst van windturbines. Maar het draagvlak van beide genoemde projecten was voldoende om het project door de politiek omarmd te krijgen.

Momentum

Momentum, wat is dat? Ik kan dat het best uitleggen aan de hand van het oude, maar nog steeds bruikbare stromenmodel (of vuilnisvatmodel) van Cohen, March en Olsen (A garbage can model of organizational choice, 1972). Dit model is gebaseerd op de waarneming dat de aandacht van betrokkenen steeds verspreid wordt over allerlei verschillende zaken. Er is niet één punt waar een probleem aan de orde wordt gesteld. Ook is er niet één punt waar men zich wijdt aan de selectie en waardering van alternatieven of één groep mensen die zich daarmee bezighoudt. De besluitvorming is het resultaat van de samenloop van drie relatief onafhankelijke stromen:

  • de stroom van problemen,
  • de stroom van oplossingen en
  • de stroom van keuzemomenten en beslissers.

Wanneer deze stromen bij elkaar komen, pas dan kan er een besluit genomen worden en dat moment noem ik het momentum (Kingdon noemt dit een: ‘policy window’ in Agenda’s, alternatives and public policies, 1984). Als voorbeeld, en zonder compleet te willen zijn, neem ik het windproject in Nijmegen. De stroom van problemen bestaat uit een in 2012 bij de Raad van State gestrand windproject, een klimaatprobleem en uitdagend gemeentelijk klimaatdoel en een afhankelijke positie van landen met fossiele energiebronnen zoals Rusland. De stroom van oplossingen bestaat uit een burgerinitiatief om het gestrande windproject opnieuw te ontwikkelen, een windpark dat de klimaatdoelstelling van de gemeente Nijmegen dichterbij brengt en Nijmegen of Nederland minder afhankelijk maakt van landen als Rusland. De stroom van keuzemomenten en beslissers bestaat uit het bestaan van klimaatambities van de gemeente Nijmegen, van een nieuwe raad en college die een jarenlang dossier kan sluiten en beloften uit hun verkiezingsprogramma’s kunnen inlossen. In de volgende figuur zijn de drie stromen gevisualiseerd.

Vonk

Bron: Vonk Noordegraaf e.a., Road Pricing Policy Adoption: a Case Study of Rush Hour Avoidance, 2011

In Nijmegen zijn de drie stromen bij elkaar gekomen, is er dus een momentum waarop is gekozen om de windturbines langs de A15 in Nijmegen mogelijk te maken.

Tot slot

Is het succes van gerealiseerde projecten nu te duiden door middel van de vier genoemde factoren? Ik denk het wel, maar daarmee kan een fatalistisch beeld ontstaan: je hebt als ontwikkelende partij niet alles zelf in de hand. Het momentum wordt namelijk bepaald door de samenkomst van stromen die zich min of meer onafhankelijk bewegen. Dat is volgens mij de reden waarom een windproject gemiddeld 7 jaar duurt vanaf idee tot realisatie. Wat heb je wel zelf in de hand? Juist, maak je project volwassen(er), realiseerbaar(der) en werk expliciet aan meer draagvlak. Daarna steekt die wind in de rug ongetwijfeld vanzelf wel een keer op.

Geplande windturbines in Nijmegen_Pondera Consult
De geplande windturbines in Nijmegen – Pondera Consult

 

Start bouw 4 windturbines op Zuiderzeehaven/Haatlandhaven

Zuiderzeehaven C.V. heeft samen met Windkr-acht B.V. jaren geleden het initiatief genomen om windturbines te gaan realiseren. Inmiddels is het zover: eind januari 2015 worden 4 windturbines op de Zuiderzeehaven en Haatlandhaven in Kampen gebouwd.

Zuiderzeehaven C.V. heeft, als houder van de rechten van twee turbineposities, Pondera Consult in 2011 gevraagd voor ondersteuning in de procedure van aanbesteding van twee van deze vergunde turbines. Inmiddels zijn de rechten van de twee turbineposities van Zuiderzeehaven C.V. overgedragen aan de houder van de rechten van de andere twee turbines, Windkr-acht BV. Als de bouw volgens verwachting verloopt, leveren de turbines vanaf augustus 2015 duurzame elektriciteit voor circa 8.000 huishoudens, zo’n 28 miljoen kWh.

luchtfoto 2013 - aangepaste foto kleurrijk - klein