Milieueffectrapportage (m.e.r.)

Milieueffectrapportage (m.e.r.) is een procedure om de milieugevolgen van een plan of project in beeld te brengen voordat hierover een besluit wordt genomen. Een m.e.r. is gekoppeld aan een besluit in de vorm van een structuurvisie, bestemmings- of inpassingsplan of het verlenen van vergunningen. Het milieueffectrapport (MER) bevat de informatie over de effecten van het plan/project voor bijvoorbeeld geluid, landschap en flora- en fauna. Naast het geven van informatie over effecten, is de functie van een m.e.r. het stroomlijnen van verschillende procedures. Pondera Consult ziet het ook als een belangrijk communicatiemiddel en bron van informatie voor omwonenden, belangenorganisaties en bestuurders.

Onze diensten omvatten meer dan het opstellen van het MER en de benodigde onderzoeken. Wij kunnen u een gedeelte of het gehele proces uit handen nemen. Zo verzorgen wij ook de communicatie, informatieavonden, begeleiden passende beoordelingen (vaak nodig o.b.v. natuurbeschermingswet) en doen het omgevingsmanagement.

Wanneer m.e.r. bij wind?

Op grond van nationale en Europese wetgeving is m.e.r. voorgeschreven voor projecten met mogelijk aanzienlijke milieugevolgen. De verplichting hangt af van de aard en omvang van de activiteit én de locatie. Deze activiteiten en het te nemen besluit staan in het Besluit milieueffectrapportage, de oprichting van een windpark is er één van (categorie D22.2). Voor windparken met een gezamenlijk vermogen van 15 MW of meer, of bestaande uit 10 windturbines of meer geldt:

  • een plan-m.e.r.-plicht voor een wijziging of vaststelling van het bestemmingsplan of inpassingsplan;
  • een m.e.r.-beoordelingsplicht voor de omgevingsvergunning.

Voor kleinere windparken kan een m.e.r.-plicht ook aan de orde zijn. Dit heeft te maken met de plaats van een project. Er geldt een (plan) m.e.r.-plicht voor een project en ruimtelijk plan in of nabij een Natura2000 gebied waarvoor een Passende Beoordeling nodig is. Dit is een voorgeschreven onderzoek in het kader van de Natuurbeschermingswet 1998.

Er kunnen verschillende vormen worden onderscheiden, die achtereenvolgend of gecombineerd voorkomen: de m.e.r.-beoordelingsplicht , een planMER en een projectMER.

m.e.r.-beoordeling

Een m.e.r.-beoordeling is een toets om te bepalen of bij het project of plan mogelijke belangrijke nadelige milieugevolgen kunnen optreden. Zo ja, dan moet een m.e.r. worden doorlopen. Bij een m.e.r.-beoordeling is het vaak niet noodzakelijk om diepgaand onderzoek uit te voeren.

PlanMER

Een planMER is strategisch van aard en wordt opgesteld voor structuurvisies en ruimtelijke plannen. In een planMER staat de vraag centraal ‘waarom deze activiteit op deze locatie?’ en worden verschillende alternatieve locaties tegen elkaar afgezet. De informatie is abstract, kwalitatief van aard en gebaseerd op vuistregels.

ProjectMER

Een projectMER wordt voor een vergunning opgesteld. In een projectMER staat de inrichting van de locatie centraal en alternatieven gaan over verschillende opstellingen en/of verschillende windturbinetypen. Een projectMER kent een veel groter detailniveau dan een planMER en bevat vaak diepgaande onderzoeken en modelberekeningen voor de verschillende milieuthema’s, bijvoorbeeld voor geluid en slagschaduw.